Lipiden Screening
HDL, LDL, totaal cholesterol en triglyceriden — je cholesterol verbetert vaak flink tijdens het afvallen. Deze meting maakt het zichtbaar.
Cholesterol is een vette stof die je lichaam deels zelf in de lever maakt en deels uit je eten haalt, en die het volgens Thuisarts gebruikt om cellen, hormonen en gal te maken. Non-HDL-cholesterol is al het cholesterol in je bloed behalve het HDL: naast LDL ook het cholesterol in VLDL, IDL en Lp(a), deeltjes die volgens de CVRM-richtlijn aderverkalking kunnen veroorzaken.
Een hoog cholesterol kan volgens Thuisarts onder meer komen door ongezond eten, te zwaar zijn en te weinig bewegen, en geeft zelf geen klachten, terwijl een cholesterol dat jaren te hoog is volgens Thuisarts het risico op onder meer nierschade en etalagebenen vergroot. Hoe hoog je non-HDL-cholesterol is, zie je pas in een bloedtest.
Volgens de Europese consensus van EAS en EFLM uit 2016 zou een laboratorium een niet-nuchter non-HDL-cholesterol vanaf 3,9 mmol/l moeten markeren, een afkapwaarde op basis van een gewenste concentratie.
Beoordeling door arts inbegrepen
Non-HDL-cholesterol is het totale cholesterol min het HDL-cholesterol: het cholesterol in alle deeltjes die aderverkalking kunnen veroorzaken. Laboratoria geven er geen normaalwaarde voor; de Nederlandse CVRM-richtlijn noemt een niet-nuchtere waarde boven 3,9 mmol/l afwijkend, en bij behandeling gelden streefwaarden onder 3,4 of onder 2,6 mmol/l.
| Uitslag | Waarde (mmol/l) |
|---|---|
| Normaal | < 3,9 |
| Verhoogd | ≥ 3,9 |
Non-HDL-cholesterol wordt berekend als totaal cholesterol min HDL-cholesterol en telt al het "slechte" (atherogene) cholesterol bij elkaar op. Omdat het niet gevoelig is voor nuchter zijn, kan het in niet-nuchter bloed worden bepaald. De grens van 3,9 mmol/l is de afkapwaarde van de NHG-Standaard CVRM voor niet-nuchter bloed (80e percentiel). Welke waarde voor u wenselijk is, hangt af van uw totale risico op hart- en vaatziekten: is er een behandelindicatie, dan hanteert de NHG een lagere streefwaarde - < 3,4 mmol/l bij hoog risico en < 2,6 mmol/l bij zeer hoog risico (bijvoorbeeld na een hart- of vaatziekte). Bespreek uw uitslag met uw huisarts.
Bron: NHG Referentiepopulatie: Nederlandse volwassenen (niet-nuchter, 80e percentiel)
Referentiewaarden kunnen variëren tussen laboratoria. Wanneer u een test bestelt, beoordeelt een BIG-geregistreerde arts uw persoonlijke resultaten in context. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
Non-HDL-cholesterol is een rekenwaarde in millimol per liter (mmol/l): je totale cholesterol min je HDL-cholesterol. Het getal omvat volgens de CVRM-richtlijn het cholesterol in alle atherogene deeltjes, de deeltjes die aderverkalking kunnen veroorzaken, en Unilabs rekent het automatisch uit bij een aanvraag voor cholesterol en HDL uit de eerste lijn.
Non-HDL-cholesterol bevat volgens de CVRM-richtlijn ook het cholesterol in deeltjes met het eiwit apoB, en volgens de richtlijn erfelijke dyslipidemie heeft iemand met een normaal LDL-cholesterol maar een verhoogd aantal LDL-deeltjes, een apoB boven 1,2 g/l, een hoger risico op hart- en vaatziekten dan iemand met een normaal LDL-cholesterol en een normaal apoB. Een verhoogd aantal LDL-deeltjes bij een normaal LDL-cholesterol komt volgens de richtlijn erfelijke dyslipidemie vaak voor bij vele secundaire vormen van dyslipidemie, een verstoord vetgehalte van het bloed door een andere aandoening, bijvoorbeeld bij diabetes type 2, overgewicht en het metabool syndroom.
Non-HDL-cholesterol kun je laten bepalen zonder nuchter te zijn, en de Europese consensus van EAS en EFLM uit 2016 stelt dat nuchter zijn voor een lipidenprofiel niet routinematig nodig is.
Een laag non-HDL-cholesterol kan samengaan met ondervoeding of een slechte opname van vet, die volgens een overzichtsartikel uit 2008 tot lage bloedvetten kunnen leiden, omdat vet uit voeding de bron van bloedvetten van buitenaf is.
Thuisarts schrijft dat een hoog cholesterol geen klachten geeft, dus ook een hoog non-HDL-cholesterol valt zonder bloedtest niet op. Volgens Thuisarts kunnen de bloedvaten dichtslibben als het cholesterol jaren te hoog blijft; dat gaat meestal langzaam, en zo stroomt er volgens Thuisarts steeds minder bloed doorheen en neemt het risico op een hartaanval of een beroerte toe.
Cholesterolverlagende medicijnen
Cholesterolverlagers zoals statines verlagen non-HDL-cholesterol; bij preventie streeft de Britse NICE-richtlijn naar meer dan 40 procent daling.
Acute ziekte
Bij het begin van een acute ziekte daalt het totale cholesterol, en tijdens het herstel komt het weer op het normale niveau.
Erfelijk hoog cholesterol
De meest voorkomende erfelijke oorzaak van hoog LDL-cholesterol, en daarmee van hoog non-HDL-cholesterol, is een optelsom van veel kleine genvarianten; familiaire hypercholesterolemie, door één gen, komt voor bij ongeveer 1 op de 250 mensen.
Te traag werkende schildklier
Een te traag werkende schildklier kan het LDL-cholesterol verhogen, en daarmee non-HDL-cholesterol, dat het LDL-cholesterol bevat; de Nederlandse richtlijn erfelijke dyslipidemie adviseert daarom onder meer TSH te laten bepalen.
Anabole steroïden of eiwitverlies via de nieren
Anabole steroïden en een nierziekte met veel eiwitverlies in de urine (nefrotisch syndroom) kunnen het LDL-cholesterol verhogen, en daarmee non-HDL-cholesterol.
Alcohol of slecht ingestelde diabetes
Veel alcohol en slecht ingestelde diabetes zijn volgens de Britse NICE-richtlijn mogelijke oorzaken van afwijkende bloedvetten, waaronder non-HDL-cholesterol.
Eten, gewicht en beweging
Ongezond eten met veel verzadigd vet, te zwaar zijn en weinig bewegen kunnen het cholesterol verhogen, en daarmee non-HDL-cholesterol.
Een hoog cholesterol, waarvan non-HDL-cholesterol het deel buiten HDL is, kan volgens Thuisarts komen door ongezond eten: weinig groente, fruit, peulvruchten, noten en volkorenproducten, en juist veel suiker en verzadigd vet. Verzadigd vet zit volgens Thuisarts veel in kaas, roomboter, volle melk, vet vlees, vleeswaren en worst.
De grens van 3,9 mmol/l voor een niet-nuchter non-HDL-cholesterol is volgens de Europese consensus van EAS en EFLM een afkapwaarde op basis van een gewenste concentratie: in een Deense bevolkingsstudie lag de helft van de deelnemers op of boven 3,9 mmol/l.
Ja, een laag cholesterol kan volgens een overzichtsartikel uit 2008 ontstaan door ondervoeding of een slechte opname van vet. Een laag cholesterol is volgens dat artikel over het algemeen ongewoon.
Voor non-HDL-cholesterol hoef je niet nuchter te zijn, omdat de Europese consensus van EAS en EFLM uit 2016 stelt dat nuchter zijn voor een lipidenprofiel niet routinematig nodig is. De Nederlandse CVRM-richtlijn zegt dat non-HDL-cholesterol niet-nuchter kan worden bepaald.
Deze marker is opgenomen in de volgende testpanelen.
HDL, LDL, totaal cholesterol en triglyceriden — je cholesterol verbetert vaak flink tijdens het afvallen. Deze meting maakt het zichtbaar.
De veiligheids- en voortgangscontrole die klinieken na 3 maanden doen: pancreas, lever, nieren, zouten en je metabole voortgang op GLP-1-medicatie.
De halfjaarlijkse meting: alles uit de controle plus insuline, ApoB en je voedingsstoffen — juist belangrijk als je al langere tijd veel minder eet.
Je startpunt vóór je eerste injectie: bloedsuiker, cholesterol, pancreas, lever, nieren, schildklier en voedingsstoffen in één meting.
Medisch adviseur
Dr. Naimi ziet toe op de medische standaarden achter onze content en beoordelingen.
Medisch beleidBeoordeling door arts inbegrepen
Elk resultaat bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
We gebruiken cookies om het sitegebruik te analyseren en de effectiviteit van advertenties te meten. Privacybeleid